Home Voorstelling Stageklassen LeerpuntReflectieverslagen Eindreflectie HandelingsonderzoekZoeken
Mijn persoonlijk leerplanDe ontwikkeling van mogelijke acties Het leerplan

 

De ontwikkeling van mogelijke acties voor het leerplan

 

 

1. 6 TSO Handel: eerste en tweede oefenles

  • Wat ging er fout?

Mijn eerste oefenlessen gaf ik in de klas 6 Handel op dinsdagvoormiddag van 11.00 uur tot 12.45 uur (het vierde en vijfde lesuur). Tijdens het vijfde lesuur begon het fout te lopen. De leerlingen begonnen te praten en ik kreeg ze niet meer stil. Ze luisterden niet meer naar de leerkracht, maar ook niet meer naar elkaar. Het was een complete chaos.

  • Oorzaken van het probleem?

Een eerste analyse door mijn mentor na de les leerde dat ik de leerlingen had beloond door ze op voorhand een invulcursus te geven. De leerlingen waren dit niet gewoon. Hij stelde dat het op voorhand uitdelen van de papieren zich in de les een beetje tegen mij had gekeerd. Verder moest ik ook zoeken naar flexibele oplossingen om de aandacht van de leerlingen te bewaren of terug te winnen.

Toen ik thuis was gekomen, ben ik voor mezelf ook gaan evalueren waar en wanneer het fout is beginnen lopen. Het opnieuw overlopen van mijn lesvoorbereiding leerde me dat ik tijdens het lesuur vlak voor de middagpauze wat moeilijkere leerstof had voorzien en deze leerstof werd bovendien aan de hand van de didactische werkvorm ‘doceren’ gegeven. Voor deze leerlingen was dit dus redelijk “zwaar”. De lesvoorbereiding vind je hier.

  • Mogelijke acties

Op basis van de analyse hierboven formuleerde ik volgende acties:

ALS ik de leerlingen op voorhand geen cursus geef, DAN zullen de leerlingen naar elkaar en naar de leerkracht luisteren met een positieve interactie tot gevolg.

ALS ik de leerlingen duidelijk zeg dat het enorm storend is wanneer ze praten, DAN zullen de leerlingen naar elkaar en naar de leerkracht luisteren met een positieve interactie tot gevolg.

ALS ik tijdig ingrijp wanneer de aandacht verslapt, DAN zullen de leerlingen naar elkaar en naar de leerkracht luisteren met een positieve interactie tot gevolg.

ALS ik mijn leerinhouden en mijn didactische werkvormen aanpas aan het tijdstip waarop de leerstof wordt gegeven, DAN zullen de leerlingen naar elkaar en naar de leerkracht luisteren met een positieve interactie tot gevolg.
Klik hier voor de evaluatie.

Terug naar boven

 

2. 6 TSO Lichamelijke Opvoeding-Sport A: derde en vierde oefenles

  • Wat ging er fout?

In deze klas zorgde ikzelf er niet voor dat er positieve interactie op gang werd gebracht en dit tijdens mijn derde en vierde oefenles op vrijdagmorgen van 9.10 uur tot 10.50 uur.

  • Oorzaken van het probleem?

Het videofragment hiernaast toont aan dat de oorzaak van het probleem hier voornamelijk bij mezelf lag. Ik stelde wel vragen aan de leerlingen, maar gaf zelf het juiste antwoord als dit niet vlug genoeg kwam. Verder toont dit videofragment ook dat ik onvoldoende stiltes liet in de klas na momenten, waarop de leerlingen veel moesten noteren. Na de les gaf mijn mentor me volgend advies: laat een bewuste stilte zodat de aandacht terug op jouw en het onderwerp is gericht en laat de leerlingen de redenering maken en de oplossing aanbrengen. Verder moest ik nog meer via vraagstelling werken en doceren zoveel mogelijk uitschakelen.

  • Mogelijke acties

Op basis van de hierboven aangehaalde oorzaken kwam ik tot volgende acties:

ALS ik de leerlingen zelf de redenering laat maken en de oplossing laat aanbrengen door zoveel mogelijk interactieve didactische werkvormen te gebruiken, DAN zullen de leerlingen naar elkaar en naar de leerkracht luisteren met een positieve interactie tot gevolg.

ALS ik een bewuste stilte inlas en dit zeker nadat de leerlingen moesten noteren, DAN zullen de leerlingen naar elkaar en naar de leerkracht luisteren met een positieve interactie tot gevolg.
Klik hier voor de evaluatie.

Terug naar boven

 

3. 6 TSO Handel: vijfde en zesde oefenles

  • Wat ging er fout?

Tijdens mijn vijfde en zesde oefenles had ik geen aandacht voor de visie van de leerlingen. Hierdoor raakten de leerlingen gedemotiveerd, waardoor ze niet meer luisterden.

  • Oorzaken van het probleem?

Na deze les merkte mijn mentor op dat ik aandacht moest besteden aan de visie van de leerlingen. Als je naar hen luistert, dan geef je immers de indruk dat je met hen bezig bent en dat motiveert hen om aandachtig te zijn. Toen ik achteraf de videofragmenten thuis analyseerde stelde ik vast dat ik inderdaad geen aandacht had voor de visie van de leerlingen en dat ik vooral bezig was met de leerstof. Het viel mij op hoeveel zaken de leerlingen zeiden die ik niet eens opgemerkt had tijdens het lesgeven.

  • Mogelijke acties

Op basis van de analyse hierboven formuleerde ik volgende actie:

ALS ik aandacht besteed aan de visie van de leerlingen, DAN zullen de leerlingen naar elkaar en naar de leerkracht luisteren met een positieve interactie tot gevolg.
Klik hier voor de evaluatie.

Terug naar boven

 

4. 6 TSO Lichamelijke Opvoeding-Sport A: zevende en achtste oefenles

  • Wat ging er fout?

In deze klas werd al enige positieve interactie op gang gebracht, maar nog onvoldoende.

  • Oorzaken van het probleem?

De oorzaak van het probleem hier lag voornamelijk bij mezelf. Mijn mentor wees mij erop dat ik de leerlingen de redenering voortdurend moet laten maken en dat ik nog langere stiltes moet inlassen.

  • Mogelijke acties

Op basis van de hierboven aangehaalde oorzaken kwam ik tot volgende acties:

ALS ik de leerlingen zelf voortdurend de redenering laat maken en de oplossing laat aanbrengen, DAN zullen de leerlingen naar elkaar en naar de leerkracht luisteren met een positieve interactie tot gevolg.

ALS ik een nog langere stiltes inlas, DAN zullen de leerlingen naar elkaar en naar de leerkracht luisteren met een positieve interactie tot gevolg.
Klik hier voor de evaluatie.

Terug naar boven

 

5. 6 TSO Lichamelijke Opvoeding-Sport C: negende oefenles

  • Wat ging er fout?

De negende oefenles werd een echte nachtmerrie. Ik kwam voor het eerst met deze klas in contact, moest hen een moeilijk onderwerp aanleren en mijn stagebegeleidster, mevrouw Dirickx, was onverwachts op bezoek gekomen. De eerste tien minuten verliep alles nog rustiger, maar daarna begon ik mijn greep op de leerlingen te verliezen. Naarmate mijn les vorderde, werd de leerstof moeilijker. Toen de leerlingen niet meer konden volgen, begonnen ze te praten. Ik kreeg ze niet meer stil en besloot maar verder te gaan met mijn les … want mijn stagebegeleidster zat achterin de les.

  • Oorzaken van het probleem?

Een eerste belangrijke oorzaak was de moeilijke leerinhoud, die niet overeenstemde met de cursusinhoud. De leerlingen moesten het begrip ‘cash flow’ kunnen omschrijven en ze moesten ook de cash flow kunnen berekenen. In de cursus maakte men enkel een onderscheid tussen kaskosten en niet-kaskosten, terwijl er in feite ook kasopbrengsten en niet-kasopbrengsten bestaan. Om de cash flow te berekenen moet je eigenlijk bij de winst van het boekjaar na belastingen de kaskosten optellen en de niet-kasopbrengsten aftrekken. Op deze manier hou je rekening met de effectieve geldstroom. Bovendien werden enkel de waardeverminderingen, afschrijvingen en voorzieningen onder de rubriek bedrijfskosten opgenomen als niet-kaskosten. Dit terwijl je ook financiële en uitzonderlijke niet-kaskosten hebt. Ik wilde dus als ‘goede’ leerkracht in opleiding de leerlingen de juiste berekening leren, maar dat heeft zich volledig tegen mij gekeerd. Het grote gevolg was dat de les eigenlijk aan de leerlingen ‘voorbij’ is gegaan.

Een tweede oorzaak was het hoge lestempo. Ik had langer moeten stil blijven staan bij voor de leerlingen relatief nieuwe begrippen door herhaling in te lassen en hen voorbeelden te laten zoeken.

Het niet gebruiken van naamkaartjes kan gezien worden als derde oorzaak. Tot nog toe heb ik nog geen problemen gehad met het onthouden van de namen van de leerlingen in de andere klassen. Ik wist al veel namen van de leerlingen in de andere klassen uit de observatielessen, maar van deze klas wist ik maar enkele namen. Dit is een vrij passieve klas en de mentor zelf stelde tijdens mijn observatielessen niet zo veel vragen aan de leerlingen, waardoor ik de namen moeilijk kon leren. Voor het begin van de les had ik al tegen mijn stagebegeleidster gezegd dat ik voelde dat ik het moeilijk had met de namen van de leerlingen in deze klas. Dit was inderdaad zo en dit heeft zich ook tegen mij gekeerd. Telkens ik naar de naam van een leerling vroeg, werd de aandacht afgeleid. De leerlingen speelden er zelfs mee: op een bepaald ogenblik vroeg ik naar de naam van een jongen en de leerlingen gaven mij zijn alias. Mijn mentor gaf mij nadien de raad om in een volgende les naambordjes te gebruiken,. Dit zou mij ook helpen om tijdig in te grijpen en de juiste persoon aan te spreken bij eventuele ‘ordeverstoringen’.

Een laatste oorzaak werd aangehaald door mijn stagebegeleidster, namelijk het voortdurend vasthouden van mijn papieren. In deze klas gaf dat de indruk dat ik zelf mijn leerstof niet beheerste

  • Mogelijke acties

Op basis van de hierboven aangehaalde oorzaken kwam ik tot volgende acties om het vertrouwen van deze leerlingen terug te winnen:

ALS ik de leerstof aanpas aan het niveau van de leerlingen, DAN zullen de leerlingen naar elkaar en naar de leerkracht luisteren met een positieve interactie tot gevolg.

ALS ik mijn lestempo verlaag en de leerlingen de omschrijving van relatief nieuwe begrippen in eigen woorden laat herhalen , DAN zullen de leerlingen naar elkaar en naar de leerkracht luisteren met een positieve interactie tot gevolg.

ALS ik naambordjes gebruik, DAN zullen de leerlingen naar elkaar en naar de leerkracht luisteren met een positieve interactie tot gevolg.

ALS ik les geef zonder voortdurend mijn papieren in mijn hand te houden, DAN zal ik meer de indruk geven dat ik zelf de leerstof beheers en zal ik meer aandacht kunnen besteden aan de leerlingen waardoor de leerlingen gemotiveerd zullen zijn om naar elkaar en naar de leerkracht luisteren met een positieve interactie tot gevolg.

Op advies van mijn mentor ga ik hier niet terugkomen op het gebabbel tijdens de vorige les. Hij stelde dat deze klas niet openstaat voor dreigende maatregelen en dat dit zich volledig tegen mij zou keren.

Klik hier voor de evaluatie.

Terug naar boven

 

6. 6 TSO Handel: tiende oefenles

  • Wat ging er fout?

Tijdens deze oefenles had ik geen aandacht voor de visie van de leerlingen. Hierdoor raakten de leerlingen gedemotiveerd, waardoor ze niet meer luisterden.

  • Oorzaken van het probleem?

Na deze les merkte mijn stagebegeleidster, mevrouw Dirickx, op dat ik aandacht moest besteden aan de visie van de leerlingen. Als je naar hen luistert, dan geef je immers de indruk dat je met hen bezig bent en dat motiveert hen om aandachtig te zijn. Mijn stagebegeleidster gaf mij de raad om niet voortdurend mijn papieren vast te houden, omdat ik anders teveel met mijn papieren bezig ben en niet met de leerlingen. Mijn mentor merkte ook op dat ik teveel deductief te werk ga. Het zou beter zijn om inductief te werk te gaan; dit maakt het voor de leerlingen aangenamer en aanschouwelijker.

  • Mogelijke acties

Op basis van de analyse hierboven formuleerde ik volgende acties:

ALS ik les geef zonder voortdurend mijn papieren in mijn hand te houden, DAN zal ik aandacht kunnen besteden aan de visie van de leerlingen waardoor de leerlingen gemotiveerd zullen zijn om naar elkaar en naar de leerkracht luisteren met een positieve interactie tot gevolg.

ALS ik meer inductief te werk ga, DAN maak ik het voor de leerlingen aangenamer en aanschouwelijker waardoor de leerlingen gemotiveerd zullen zijn om naar elkaar en naar de leerkracht luisteren met een positieve interactie tot gevolg.
Klik hier voor de evaluatie.

Terug naar boven

 

7. 6 TSO Lichamelijke Opvoeding-Sport A: elfde en twaalfde oefenles

  • Wat ging er fout?

In deze klas werd al enige positieve interactie op gang gebracht, maar nog onvoldoende.

  • Oorzaken van het probleem?

De oorzaak van het probleem hier lag voornamelijk bij mezelf. Mijn mentor wees mij erop dat ik de leerlingen de redenering voortdurend moet laten maken en dat ik moet zorgen dat ik de aandacht van de leerlingen van bij het lesbegin op mij en het onderwerp heb kunnen focussen. De mentor suggereert om mijn intonatie te gebruiken als hulpmiddel bij het klasmanagement.

  • Mogelijke acties

Deze oorzaken leiden tot de formulering van de volgende acties:

ALS ik de leerlingen zelf voortdurend de redenering laat maken en de oplossing laat aanbrengen, DAN zullen de leerlingen naar elkaar en naar de leerkracht luisteren met een positieve interactie tot gevolg.

ALS ik een bewuste stilte inlas en dit zeker in het begin van de les, DAN zullen de leerlingen naar elkaar en naar de leerkracht luisteren met een positieve interactie tot gevolg.

ALS ik meer stemintonatie gebruik, DAN zullen de leerlingen naar elkaar en naar de leerkracht luisteren met een positieve interactie tot gevolg.
Klik hier voor de evaluatie.

Terug naar boven

 

©2007

privacy
disclaimer

contacteer de webmaster

Vorige paginaVolgende pagina