Home Voorstelling Stageklassen LeerpuntReflectieverslagen Eindreflectie HandelingsonderzoekZoeken

Mijn persoonlijk leerplanDe ontwikkeling van mogelijke acties Het leerplan

 

Inleiding

De vaardigheid, ‘Samen met het schoolteam een positief leefklimaat creëren voor de leerlingen in klasverband en op school’, omvat volgende vier deelvaardigheden:

  1. de leraar kan een positieve interactie met de klasgroep opbouwen en een positieve relatie tussen de leerlingen stimuleren;
  2. de leraar kan over de omgang met de leerlingen en de interactie in de klas reflecteren;
  3. de leraar kan gepast en discreet omgaan met gevoelens van leerlingen
  4. en de leraar kan grenzen stellen wanneer de positieve interactie in het gedrang komt.

Om mijn persoonlijk leerplan te ontwikkelen besteedde ik vooral aandacht aan deelvaardigheden 1 en 4. Deelvaardigheid 2 werd verwerkt in dit portfolio, omdat ik in dit portfolio reflecteer over de acties ondernomen om tot een positieve interactie in de klas te komen en om op een positieve manier om te gaan met de leerlingen. Deelvaardigheid 3 liet ik wat dit portfolio betreft achterwege. In dergelijke korte stageperiode gaven de leerlingen hun gevoelens niet bloot aan de stagiaire. Je gevoelens toon je immers niet aan eender wie. Ik weet uit ervaring van in mijn eigen schooltijd, dat wij enkel diepgaande gesprekken hadden ofwel met de klastitularis, ofwel met een leerkracht die wij minstens acht uur per week over de vloer kregen.

Per oefenles breidde ik mijn persoonlijk leerplan uit, afhankelijk van de problemen die zich voordeden in de respectieve oefenles en de respectieve klas en die betrekking hadden op mijn persoonlijk leerpunt. De reden hiervoor was het feit dat ik al doende ervaren heb dat je een persoonlijk leerplan best ontwikkelt in functie van de oorzaken, die aan de basis liggen van de problemen die je tegenkomt. Voor mijn oefenlessen kwam ik in drie verschillende klassen. In alle drie de klassen had ik problemen met enerzijds het opbouwen van een positieve interactie met de klasgroep en het stimuleren van een positieve relatie tussen de leraar en anderzijds met het stellen van grenzen wanneer de positieve interactie in het gedrang komt. Ik heb ervaren dat oorzaken van deze problemen zowel intraklassikaal als interklassikaal kunnen verschillen.

Tenslotte wens ik ook op te merken dat bepaalde acties ontstaan in de ene klas ook in een andere klas konden worden uitgeprobeerd. Ik had twee verschillende mentoren en het voordeel daarvan was dat elk van hen af en toe een andere visie had op de oorzaken van het probleem.

Terug naar boven

 

©2007

privacy
disclaimer

contacteer de webmaster

Vorige paginaVolgende pagina