Home Voorstelling Stageklassen LeerpuntLeerplan Eindreflectie HandelingsonderzoekZoeken
ReflectieverslagenReflectieverslag van 27.02.2007 Reflectieverslag van 02.03.2007 Reflectieverslag van 07.03.2007 Reflectieverslag van 09.03.2007 Reflectieverslag van 27.03.2007 Reflectieverslag van 17.04.2007

 

Reflectieverslag van 27 februari 2007

  1. Geplande activiteiten

Op 27 februari 2007 gaf ik mijn vijfde en zesde oefenles in de klas 6 TSO Handel van het Koninklijk Atheneum Redingenhof te Leuven. Het was de tweede keer dat ik deze klas had en naar aanleiding van gebeurtenissen in de vorige lessen plande ik volgende activiteiten voor het vierde lesuur om te werken aan mijn leerpunt, het creëren van een positief leefklimaat voor de leerlingen op school en in klasverband:

  • het geven van de leerstof zonder het op voorhand uitdelen van een cursus;
  • meedelen aan de leerlingen dat het storend was dat ze de vorige keer tijdens het laatste lesuur niet meer opletten en praatten;
  • en tijdig ingrijpen als de aandacht verslapt.

Voor het vijfde lesuur had ik volgende activiteiten gepland:

  • het organiseren van een klasgesprek rond discriminatie
  • en het uitdelen van de cursus en invullen ervan als syntheseoefening.

Ik slaagde er ook in om alle geplande activiteiten effectief te realiseren. Bovendien realiseerde ik ook één niet-geplande activiteit. Deze wordt besproken na de reflectie over de geplande activiteiten. Hierna wordt per activiteit weergegeven wat er werd ondernomen en wat het resultaat van deze activiteit was.

    1. Meedelen aan de leerlingen dat het storend was dat ze de vorige keer tijdens het laatste lesuur niet meer opletten en praatten.

Het videofragment hieronder laat zien hoe ik het begin van de les aanpak om mee te delen aan de leerlingen dat het storend was dat ze de vorige keer tijdens het laatste lesuur niet meer opletten en praatten. Ik start met te zeggen dat de leerlingen de vorige week tijdens het eerste lesuur goed hebben opgelet, maar dat dit het tweede lesuur minder het geval was. Ik stel dan dat ik graag zou hebben dat de leerlingen wat aandachtiger zouden zijn. Ik vraag hen om notities te nemen, omdat ik geen cursus heb meegebracht. Tenslotte, zeg ik hen dat ik strenger zal moeten optreden als ze niet aandachtig zijn.

Op het ogenblik dat ik zeg dat ik zal starten met een mededeling, zie je dat ik onmiddellijk de aandacht van de leerlingen op mij trek. Tijdens deze mededeling zie je op het videofragment dat Wouter op een gegeven ogenblik met zijn hoofd op zijn lessenaar gaat liggen. Na de laatste zin, waarin ik ‘dreig’ met strengere maatregelen, schiet hij echter recht en zegt: ‘Hola’. Dit wijst erop dat deze mededeling niet in dovemansoren is terechtgekomen. Ook mijn mentor bevestigde na de les het positieve effect van deze mededeling. Op mijn evaluatieformulier schreef hij: “In vergelijking met voorgaande lessen heeft Nele het  vertrouwen en respect van de leerlingen gekregen. Dit is heel positief.”. Deze maatregel droeg bij tot volgende vaardigheid: de leraar kan een positieve interactie met de leerlingen opbouwen.

Terug naar boven

    1. Het geven van de leerstof zonder het op voorhand uitdelen van een cursus.

De vorige les had mijn mentor gesteld dat ik moest zoeken naar flexibele oplossingen om de aandacht van de leerlingen te bewaren of terug te winnen. Hij stelde dat het op voorhand uitdelen van de cursus zich in de les een beetje tegen mij had gekeerd. Daarom besloot ik om tijdens deze les geen cursus meer uit te delen op voorhand. In de plaats daarvan moesten de leerlingen tijdens de les notities nemen. Mijn mentor vond het de vorige keer ook spijtig dat de leerlingen mijn bordschema, dat de rode draad van de cursus bevatte, niet hadden. Klik Bordschema les 1 en 2 voor de inhoud van dit bordschema.

Door het nemen van notities werden ze veel minder afgeleid van de les. Af en toe gaf ikzelf ook aan wanneer ze zaken moesten noteren (zie videofragment). Het gevolg hiervan was dat de les minder rumoerig verliep dan de vorige keer en dat een positieve interactie met de leerlingen werd opgebouwd.

Terug naar boven

    1. Tijdig ingrijpen als de aandacht verslapt.

Mijn mentor had me na de vorige les het advies gegeven om kordater te reageren wanneer de aandacht van de leerlingen werd afgeleid. Ik heb gemerkt dat dit noodzakelijk was wanneer ze niet naar mij luisterden, maar ook wanneer ze niet naar elkaar luisterden. De leerling, van wie de aandacht verslapte, sprak ik altijd aan met de voornaam. Soms vroeg ik hen om naar mij of naar elkaar te luisteren en één keer heb ik gedreigd met het apart zetten van Aitor en Wouter. Tijdens het vierde lesuur heb ik een vijftal keer moeten ingrijpen.

Mijn eerste ingreep was nodig, toen ik bij het begin van de les mijn eerste woorden op het bord schreef. Ik stond met mijn rug naar de leerlingen en ze begonnen toch te praten. Toen heb ik hen gezegd dat ik echt graag zou hebben dat ze zouden zwijgen, want dat ik anders zou andere maatregelen treffen. Ook deze mededeling had een positief effect. De leerlingen zwegen en ik kon mijn eerste vraag aan de leerlingen stellen (zie videofragment).

Een volgende ingreep was noodzakelijk toen Wouter zich omdraaide (zie videofragment). Ik zie dat Wouter zich omdraait en onmiddellijk roep ik zijn naam. Hierdoor draait hij zich om en win ik zijn aandacht terug.

Wanneer ik op een bepaald ogenblik aan Daisy een vraag stel uit een onderwijsleergesprek is Aitor aan het praten met Wouter (zie videofragment). Hij luistert duidelijk niet naar wat Daisy zegt. Daarom besluit ik een derde keer in te grijpen en hem te vragen wat Daisy heeft gezegd. Aitor weet het antwoord niet; ik vraag dan aan Daisy om het antwoord te herhalen en zeg expliciet aan Aitor dat hij nu eens goed moet luisteren naar Daisy. Op deze manier let Aitor terug op.

Wouter en Aitor dwingen mij om een vierde keer in te grijpen als ze aan het praten zijn, terwijl het Daisy haar beurt is om te zeggen waaraan ze denkt bij het horen van de begrippen ‘werving en selectie’. Nu is het tijd om strengere maatregelen te treffen en ik zeg hen dat één van de twee vooraan mag komen zitten. Op het videofragment is te zien dat Wouter zich onmiddellijk omdraait en begint op te schrijven wat op het bord staat. Bovendien heb ik hierdoor onmiddellijk de aandacht van de hele klas. Aitor probeert onmiddellijk een compromis te sluiten: hij zegt dat hij bezig was met de leerkracht tot hij het woord ‘stage’ hoorde vallen en dat hij daardoor afgeleid was (blijkbaar moest hij met mijn mentor nog enkele zaken regelen in verband met zijn stage). Hij vraagt dan ook een allerlaatste kans.

Een laatste keer grijp ik in tijdens de les wanneer ik op zoek ga naar de nadelen van interne werving. Aitor had al een antwoord gegeven en Alexander wenst hierop in te pikken. Als Alexander begint te praten, dan begint ook Aitor weer te praten (zie videofragment). Daarom vraag ik aan Aitor of Alexander eventjes mag uitspreken. Dit lukt en zo komt er een positieve interactie, waarbij leerlingen niet alleen naar de leerkracht, maar ook naar elkaar leren luisteren.

De maatregelen hierboven kaderen in functie van de realisatie van deelvaardigheid 4, de leraar kan grenzen stellen wanneer de positieve interactie in het gedrang komt.

Terug naar boven

    1. Het organiseren van een klasgesprek rond discriminatie.

Omdat de vorige keer de leerlingen voornamelijk tijdens het vijfde lesuur aan het praten gingen, zocht ik voor dit lesuur naar een aangename en interactieve didactische werkvorm. Het vijfde lesuur valt vlak op de middag (van 11.55 uur tot 12.45 uur). De leerlingen hebben er dan al vier uur inspanning opzitten; het is dan ook logisch dat de leerlingen uitzien naar hun welverdiende middagpauze en dat hun aandacht tijdens dit lesuur wat zwakker is.

Het lesonderwerp van deze les, werving en selectie, leende zich uitstekend tot het voeren van een klasgesprek rond ‘discriminatie’. Bovendien sloot dit onderwerp aan bij de leef- en ervaringswereld van de leerlingen, aangezien deze klas ook twee allochtone jongeren telt. Ik begon met het gezamenlijk lezen van het artikel “Sollicitant stuit op racistische mail” uit De Standaard van 24 november 2006. Iedereen mocht een alinea lezen. Daarna startten we met het klasgesprek. Ik begeleidde het gesprek met vragen zoals Waarover gaat dit artikel?, Wat verstaan jullie onder discriminatie?, Wat verstaan jullie onder racisme?, Is discriminatie gelijk aan racisme?, Hebben jullie soms te maken met racisme thuis of hier op school?, Wat vinden jullie van dit artikel?, enzovoort. De leerlingen vonden dit heel leuk, ze waren zeer geïnteresseerd en ze praatten heel goed mee. Bovendien had ik de leerlingen vooraan rond de lessenaar van de leerkracht in kringvorm laten plaatsnemen. Hierdoor werd een informele sfeer gecreëerd, wat het voor de leerlingen gemakkelijker maakte om over dit onderwerp te praten. Een leerling vroeg toen aan mijn mentor: “Meneer, waarom doen wij dit nooit?”. Dit klasgesprek droeg bij tot deelvaardigheid 1, de leraar kan een positieve interactie met de klasgroep opbouwen en een positieve relatie tussen de leerlingen stimuleren.

Het artikel, dat als inleiding voor het klasgesprek werd gebruikt, vind je door op de volgende link te klikken: Sollicitant stuit op racistische mail.

Terug naar boven

    1. Het uitdelen van de cursus en invullen ervan als syntheseoefening.

Om de nieuwe leerstof te herhalen werd op het einde van de les tijd overgehouden om de cursus uit te delen. In de cursus werden enkele zaken blanco gelaten en samen vulden we de cursus in. We bleven hierbij rond de lessenaar van de leerkracht zitten in kringvorm. Dit zorgde ervoor dat een positieve interactie tot stand kwam tussen de leerkracht en de leerlingen.

Terug naar boven

  1. Niet-geplande activiteiten
    1. Aansluiten bij de leef- en ervaringswereld van de jongeren.

Tijdens de les werkte ik onbewust aan de eerste deelvaardigheid van mijn leerpunt, namelijk het opbouwen van een positieve interactie met de leerlingen. Dit gebeurde toen ik op een bepaald ogenblik verwees naar de leef- en ervaringswereld van de leerlingen (zie videofragment). In dit fragment vraag ik aan de leerlingen welke methodes van interne werving er nog zouden kunnen bestaan. Ze moeten komen tot ‘het bekendmaken via ad valvas’. Via vragen probeer ik te achterhalen of er in de school niets wordt bekendgemaakt via ad valvas. Het videofragment laat zien dat de leerlingen zeer geïnteresseerd zijn en dat ze onmiddellijk meedenken met de leerkracht, wat leidt tot een positieve interactie tussen de leerkracht en de leerlingen.

Terug naar boven

 

©2007

privacy
disclaimer

contacteer de webmaster

Vorige paginaVolgende pagina